Meer info over niersteenverbrijzeling
| Algemeen | Voorbereiding | Behandeling | Na de behandeling |
Waarop moet u letten na de behandeling?
Controle
Meestal plast u het gruis gedurende de eerste dagen na de behandeling uit. Om het resultaat van de behandeling te controleren, wordt een consultatie afgesproken na 1 of 2 weken, waarbij een radiografische of echografische controle wordt verricht. Soms kan het echter langer duren vooraleer de stukjes verdwenen zijn. Vooral bij grote of veelvoudige stenen kunnen bijkomende behandelingen noodzakelijk zijn.
Nierkolieken
De gruisevacuatie kan tijdelijk gepaard gaan met pijn: in dit geval staakt u best het drinken tot de pijn verdwenen is. Een warm bad verzacht de pijn meestal zeer goed. Eventueel kunt u een pijnstillend middel innemen of uw huisarts verwittigen.
Koorts
Indien er na de behandeling hoge koorts (meer dan 38,5°C) zou optreden, die gepaard gaat met koude rillingen, kan dit wijzen op een nierontsteking. In dit zeldzame geval dient u dringend uw huisarts te contacteren.
Bloedverlies
Het is normaal dat de urine de eerste keren na de behandeling licht bloederig is. Dit verdwijnt vanzelf na één of twee dagen.
Voldoende lichaamsbeweging
Om de gruisevacuatie te bevorderen, raden wij u aan vanaf de dag na de behandeling voldoende te bewegen. U kan bijvoorbeeld gaan wandelen, lopen, zwemmen, turnen, ...
Gruis opvangen
Het is zeer nuttig om de eerste dagen tot weken na de behandeling de urine te filteren en de steenfragmentjes mee te brengen naar de raadpleging om ze te laten analyseren.