Meer info over het slaap- en waakcentrum
Wat wordt er gemeten?
De hersengolven
De hersenen zenden voortdurend zwakke elektrische signalen uit. Met behulp van de computer worden die versterkt en worden ze zichtbaar gemaakt in een curve. Deze signalen vormen een elektro-encefalogram of EEG. Kleine verschillen in die curve laten de arts toe om te bepalen hoe diep u slaapt. De hersenwerking is immers erg verschillend volgens u wakker bent, slaapt of droomt.
Om die hersenactiviteit te kunnen meten, bevestigt de verpleegkundige drie of zes elektroden, in de vorm van een sticker, op uw hoofdhuid. Het haar hoeft niet afgeschoren te worden en de elektroden kunnen gemakkelijk weer worden verwijderd. Naast die elektroden in het haar komt er nog een achter beide oren en een op het voorhoofd.
De oogbewegingen
Bij uw ooghoeken komen elektroden om de oogbewegingen te registreren. Uit deze gegevens kan worden afgeleid of u al dan niet droomt. Tijdens de droom bewegen de ogen zeer snel. Dat wordt duidelijk weergegeven op het computerscherm.
De kinspierspanning
De kinspierspanning wordt gemeten door twee elektroden op de kin. Deze worden nog eens extra bevestigd met kleefband. Ze geven de spanning of ontspanning van de kinspieren weer. Als u dieper slaapt, neemt de spierspanning ter hoogte van de kinspier af. Dit helpt om het stadium van uw slaap te bepalen.
De beenspierspanning
Rusteloze beenbewegingen tijdens de nacht kunnen de oorzaak zijn van uw slechte nachtrust. Om dit na te gaan, wordt er een voeler aangebracht. Deze sensor wordt met een elastiek rond de kuit bevestigd.
De hartfrequentie
Hierbij worden er elektroden bevestigd op uw borst om uw hartfrequentie en hartritme te meten en te registreren.
De ademhaling
Dit is een belangrijk meetpunt. Twee spanningsmeters, die er uitzien als twee elastische banden, worden rond uw buik en borst aangebracht. Als ze goed aansluiten, kan elke beweging van uw borst en buik bij het in- en uitademen bekeken worden. Wanneer u ’s nachts een korte periode stopt met ademen, merkt de arts dit aan de platte lijn die op het computerscherm verschijnt, in plaats van de normale golvende curve.
De positiemeter
Sommige mensen die snurken, doen dit alleen als ze op hun rug liggen. Om uw slaaphouding na te gaan, is er een sensor bevestigd op de elastische band rond uw borst. Zo ziet de arts perfect of u op de rug of op de zij slaapt.
De microfoon
Als het snurken uw nachtrust verstoort, kan dit hier in het laboratorium worden vastgesteld. Daartoe kleeft de verpleegkundige een microfoontje op de borst.
Het zuurstofgehalte
Rond uw vingertop wordt een klein sensorlampje vastgemaakt dat rood oplicht als het werkt. Dit dient om het zuurstofgehalte in uw bloed te meten. Het zuurstofgehalte kan dalen als u ’s nachts korte adempauzen vertoont.
De luchtstroming
Net onder de neus, ter hoogte van de bovenlip, worden twee draadjes bevestigd. Deze thermistor meet de afkoeling of verwarming van de lucht die in en uit de neus en mond stroomt bij het ademen. Op die manier wordt een eventuele ademstop tijdens de slaap geregistreerd.