Obesitascentrum


Wat zijn de oorzaken?


oorzaak van obesitasDe oorzaak van obesitas is gedurende een lange periode meer energie opnemen dan er verbruikt wordt. Daardoor ontstaat er een positieve energiebalans. We spreken van een neutrale balans als er een evenwicht is tussen de energie-inname en het energieverbruik, dus als er stabilisatie is van het gewicht. Het lichaam heeft energie nodig om goed te kunnen functioneren. Die energie halen we uit de voeding.

Als u evenveel eet als uw lichaam nodig heeft , blijft u op gewicht. Eet u meer en beweegt u te weinig dan ontstaat een onevenwicht en wordt de extra energie opgeslagen onder de vorm van vetweefsel. Hoe meer u beweegt, hoe sneller uw stofwisseling wordt, ook op de momenten dat u niet beweegt.

Obesitas gaat om een balans: 1 kilogram = 9000 kcal. Als we 1 kg verzwaard zijn, hebben we 9000 kcal. teveel opgenomen via voeding of minder verbruikt.

Maar obesitas is niet alleen het gevolg van een overdreven inname van voeding. Het is een combinatie van vele factoren zoals: overmatige voeding, tekort aan fysieke activiteit (te weinig sport), genetische voorbeschiktheid, overmatig alcoholverbruik, schildklierproblemen, bepaalde medicatie en psychische oorzaken.

Overmatige voeding
Tekort aan fysieke activiteiten
Genetische voorbeschiktheid
Overmatig alcoholgebruik
Schildklierproblemen
Medicatie
Psychologische oorzaken

1. Overmatige voeding

Er is een enorm aanbod aan ( ongezonde ) voeding. Er is de grote invloed van reclame, er zijn de snoep- en frisdrankautomaten op iedere hoek van de straat, zelfs op scholen. Mensen verbruiken veel fastfood waarvan niet altijd gekend is hoeveel calorieën ze bevatten. Heel wat maaltijden worden kant en klaar aangekocht, door gebrek aan tijd of zin om zelf te koken. Mensen eten minder fruit en groenten en volgen vaak de ccc-cultuur: teveel cola, chips en chocolade.

2. Tekort aan fysieke activiteiten

Om voldoende te bewegen, moet een volwassene dagelijks 30 minuten aan matig intensieve lichaamsbeweging doen. Dit kan heel eenvoudig door vaker de trap te nemen, en de fiets te gebruiken in de plaats van de wagen. Het leven in de westerse wereld is te sedentair geworden. TV, meer en meer computer, computerspelletjes, minder lichamelijke arbeid door meer automatisatie …zijn daarvoor verantwoordelijk. Hoe meer u beweegt, hoe sneller de stofwisseling wordt, hoe meer u verbruikt en hoe minder vetweefsel uw lichaam opgestapelt.

3. Genetische voorbeschiktheid

De eetgewoontes maken dat we verzwaren, de aanleg (genetica) bepaalt hoeveel we verzwaren. De genen die mogelijk verantwoordelijk zijn voor de gevoeligheid voor het ontwikkelen van overgewicht zijn nog grotendeels onbekend. Dit geldt ook voor de rol van interacties tussen genen onderling en tussen genen en leefstijlfactoren. (1)

Het eetgedrag wordt hoofdzakelijk geregeld door honger- en verzadigingsgevoelens. Deze gevoelens worden aangestuurd door verschillende organen en boodschappersystemen. In dit proces speelt de hypothalamus een centrale rol. De hypothalamus is een orgaan in de hersenen dat ervoor zorgt dat de verschillende signalen doorgegeven worden naar de hersenen en daarna naar de rest van het lichaam. Bij hongergevoelens zal men gaan eten en bij verzadigingsgevoelens zal men stoppen met eten. Bij dit proces spelen ook enkele hormonen een rol, namelijk Leptine en Ghreline.

Leptine is een “boodschapper” van het vetweefsel. Het informeert de hersenen (en de hypothalamus) over de grootte van het vetweefsel en de hoeveelheid beschikbaar vet. Hoe groter de hoeveelheid vet, hoe meer Leptine er geproduceerd wordt en hoe sterker het signaal naar de hersenen is. De hypothalamus geeft via deze hormonen en via delen van het zenuwstelsel, de opdracht aan ons lichaam om minder te gaan eten. Hierbij gaat ook de ruststofwisseling op een hoger niveau werken. Er wordt meer energie en dus meer vet verbrand. Aanvankelijk werd er gedacht dat obese personen weinig of geen Leptine hadden. Bij een laag Leptine-gehalte denkt het lichaam dat er weinig vetweefsel opgeslagen is. Men gaat dan meer eten en de ruststofwisseling is lager, waardoor men gaat verdikken. Bij verder onderzoek heeft men ontdekt dat obese personen net een verhoogd Leptine-gehalte hebben,wat logisch is, maar tot op vandaag heeft men hiervoor geen verklaring.

Ghreline is een eetluststimulerend hormoon dat door maag en darmen wordt afgescheiden. Het zou vooral geproduceerd worden wanneer de maag leeg is. Ook zou het verantwoordelijk zijn voor de gewichtstoename na een vermageringsdieet, omdat er na het vermageren terug meer Ghreline aangemaakt wordt. Dit zorgt er voor dat men terug meer gaat eten, wat resulteert in een stijging van het lichaamsgewicht.

Nogal wat omgevingsfactoren worden toegeschreven aan genetische factoren: ‘het zit in de familie’. Maar ook de manier van eten, eten bereiden, porties van de maaltijden, vetsamenstelling van de voeding …zit in de familie en krijgen we als kind mee en kan verantwoordelijk zijn voor overgewicht, obesitas. Het wordt dus van ouder op kind doorgegeven.

4. Overmatig alcoholgebruik

Het aantal calorieën in drank is afhankelijk van het alcoholgehalte (elke gram alcohol bevat 7 calorieën) en de aanwezige suikers. Bier bijvoorbeeld bevat minder calorieën dan wijn, maar is rijker aan suikers. Alcohol heeft bovendien een extra dikmakend effect doordat het de afbraak van het vet uit de voeding vertraagt en er zo voor zorgt dat uw lichaam meer vet opslaat. Calorieën uit alcohol zijn ‘lege’ calorieën: ze hebben geen enkele voedingswaarde.

In de onderstaande tabel vindt u voorbeelden ter illustratie:
het aantal calorieën wordt weergegeven per 100cc

Thee, koffie, water 0 kcal
Frisdrank light 0 kcal
Tomatensap 18 kcal
Appelsap, sinaasappelsap 37 kcal
Frisdrank (limonade, cola) 39 kcal
Ananassap 44 kcal
Druivensap 72 kcal
Bier 41 kcal
Zwaar bier 62 kcal
Droge witte wijn 70 kcal
Rode wijn 82 kcal
Sherry 111 kcal
Porto 150 kcal
Jenever 190 kcal
Cognac 228 kcal
Whisky 245 kcal

Misbruik van alcohol zorgt niet alleen voor de inname van meer calorieën maar kan ook verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van leverproblemen ( leversteatose, NASH en levercirrose).

5. Schildklierproblemen

De schildklier produceert een hormoon (thyroxine) dat een belangrijke rol speelt bij de stofwisseling van het lichaam. Werkt uw schildklier te traag (hypothyreoïdie), dan komen er minder hormonen vrij en vertraagt de stofwisseling, met als gevolg dat uw gewicht toeneemt, zonder meer te gaan eten. Hypothyreoïdie is vast te stellen via een bloedonderzoek.

6. Medicatie

Bepaalde medicatie zoals anti-epileptica, psychoactieve geneesmiddelen en antidiabetica (middel ter behandeling van diabetes of suikerziekte) kunnen het gevoel van verzadiging beïnvloeden.

7. Psychologische oorzaken

Emotionele factoren die het gestoord eetgedrag in de hand werken zijn:

  • schaamte
  • schuldgevoelens
  • negatief zelfbeeld (weinig zelfvertrouwen, minderwaardigheidsgevoelens)
  • negatief lichaamsbeeld
  • pestproblematiek
  • stress
  • angst en depressie
  • .....

Vormen van gestoord eetgedrag zijn:

  • overeten tijdens de maaltijd
  • grazen (voortdurend kleine hoeveelheden eten)
  • snoepgedrag
  • eetbuien
  • BED (Binge Eating Disorder)/NED (Night Eating Disorder)is een oncontroleerbare drang om heel veel te eten op gezette momenten. In zo een eetbui voelt men zich erg gespannen en is men obsessief bezig met eten. Na een eetbui is de spanning verdwenen. Gevoelens van schaamte en schuld volgen, evenals het sterke voornemen ‘dat dit de laatste keer was’
  • Boulemia nervosa: hier zijn er eveneens eetbuien. Daar ‘moet’ de eetbui gecompenseerd worden, dit wordt dan gedaan door bijvoorbeeld te laxeren, te braken of excessief te sporten of gedurende een lange tijd (24 uur) niet te eten.

(1) obesitasinfo.nl