Wat wil je printen?
Naar het ziekenhuis voor een operatie of onderzoek
• Wat doe je voor je naar het ziekenhuis gaat?
• Wat gebeurt er in het ziekenhuis?
• Wat doe je als je terug thuis bent?
Op deze pagina vind je meer info.
Voor je naar het ziekenhuis gaat
- Je brengt enkele spullen mee naar het ziekenhuis, zoals handdoeken, zeep, een pyjama, speelgoed, een knuffel...
Je kan samen met je mama of papa inpakken. -
Moet je geopereerd worden? Bekijk samen met mama of papa onze filmpjes. Zo begrijp je beter wat er gebeurt in het ziekenhuis.
Soms word je op dezelfde dag geopereerd. Soms moet je eerst een nacht in het ziekenhuis slapen en wordt je de dag erna geopereerd. -
Heb je vragen over het ziekenhuis of je operatie? Stel ze aan je mama of papa.
-
Ben je bang of triest door de opname? Zeg het aan je mama of papa. Of je kan er een tekening of knutselwerkje over maken.
Wat breng je mee?
Algemeen
- Kids-ID of digitale isi+ kaart via jouw ziekenfonds
- kaart of formulier van de hospitalisatieverzekering
- de verwijsbrief van je huisarts of eventuele opnamebrief
- groeiboekje Kind & Gezin, met vaccinatieschema
- resultaten van onderzoeken via je huisarts of ander ziekenhuis
- info over het dieet van je kind, indien van toepassing
Bij een operatie
- het ingevulde patiëntenboekje
Toiletgerief
- washandjes
- kleine handdoeken
- verzorgingsproducten: zeep, tandenborstel, tandpasta, kam of borstel
- thermometer
- vochtige doekjes
- bij een operatie: een elastiekje zonder metalen tussenstuk
Je kan luiers krijgen op de afdeling.
Kleren
- gemakkelijke kleren
- pyjama of slaapkleedje
- ondergoed/body’s met korte mouwen
- pantoffels of warme sokken
Voeding
- één flesje water met poeder als je kind flesvoeding geeft
- dieetproducten of bijvoedingen als dat nodig is
Varia
- bril
- eigen zuigflessen als dat nodig is; je kan wegwerpflessen krijgen op de afdeling
- lievelingsspeelgoed
- slaapzak of inbakerdoek
- lievelingsknuffel met de naam van je kind erop
- leesboek of schoolboek als je kind langer blijft
- pennen, potloden, stiften
- foto van familie, klas of huisdier
Voor jou als ouder
- als je blijft overnachten: nachtkledij, toiletartikelen, handdoeken en washandjes
- een boek of krant, tijdschrift
- gsm, laptop, oplader
Breng geen dure dingen mee of bewaar ze in de kluis op je kamer.
Ben je persoonlijke spullen kwijtgeraakt tijdens de opname van je kind? Bekijk de richtlijnen over verloren voorwerpen.
Medicatie
- de medicatie die je kind thuis neemt, in originele verpakking. Of de lege verpakking als je medicatie op is of in de koelkast staat.
- het medicatieschema van je kind: wanneer neemt je kind welke medicatie? Je kan het medicatieschema van az groeninge gebruiken. Je huisarts of apotheker helpt graag om het schema in te vullen.
- eventueel het attest van de adviserend arts van je ziekenfonds voor de medicatie van je kind
Informeer je en vul de nodige documenten in
- Bekijk het patiëntenboekje voor kinderen en vul de vragenlijst. Dat geef je later af aan de verpleegkundige.
- Lees de pagina van het kinderdagziekenhuis of de verpleegeenheid kindergeneeskunde.
- Wil je een individuele kamer voor je kind of niet? Dat kan een invloed hebben op de prijs. Lees meer over de kamerkeuze en vraag meer info aan je hospitalisatieverzekering. Heb je geen verzekering? Vraag hulp aan je ziekenfonds.
- Kies een partner in zorg. Dit is iemand die je helpt om voor je kind in het ziekenhuis te zorgen. Een van jullie blijft bijvoorbeeld slapen, helpt je kind te eten...
- Noteer belangrijke telefoonnummers en vragen voor de arts en verpleegkundigen.
Wanneer is de opname van je kind gepland?
- De dokter of het secretariaat van je dokter kiest een datum voor de opname van je kind. Tenzij de opname niet gepland is.
- Wordt je kind geopereerd? Er zijn twee mogelijkheden:
- Je kind komt naar het ziekenhuis en wordt de dag erop geopereerd.
Je krijgt alle informatie via het secretariaat van je dokter. - Je kind komt naar het ziekenhuis en wordt op dezelfde dag geopereerd.
Een medewerker van az groeninge belt je 2 dagen voor de opname tussen 10 en 17 uur. Die vertelt je wanneer je op de dag van opname aan het onthaal moet zijn.
Moet je kind naar het ziekenhuis komen op maandag? Dan belt een medewerker je op donderdag. Belde onze medewerker je niet? Bel zelf naar t. 056 63 51 02.
- Je kind komt naar het ziekenhuis en wordt de dag erop geopereerd.
- Is je kind ziek? Bel altijd naar het secretariaat van je doorverwijzende dokter. Misschien moeten we de opname verplaatsen.
- Kan je niet komen? Bel naar het secretariaat van de dokter. Doe dat minstens drie dagen vóór je afspraak. Bel je niet? Dan kunnen we een vergoeding aanrekenen.
Hoe je kind voorbereiden?
- Vraag eerst voldoende info aan de behandelende dokter.
- Praat met je kind op een rustig moment.
- Gebruik eenvoudige taal, zodat je kind het begrijpt.
- Voor jonge kinderen is een beetje info voldoende. Oudere kinderen hebben meer vragen over waarom en wat er zal gebeuren.
- Vertel je kind waarom het naar het ziekenhuis moet en wat zal gebeuren.
- Vertel wat er in een ziekenhuis hetzelfde of anders is dan thuis.
- Vertel je kind of je blijft slapen en wanneer je op bezoek komt.
- Vertel hoe het ziekenhuis of de afdeling eruit ziet. Je kan hiervoor onze filmpjes gebruiken.
- Probeer altijd eerlijk te antwoorden, ook op moeilijke vragen. Als je iets niet vertelt, gaat je kind zelf fantaseren.
- Pak samen met je kind de koffer in.
- Betrek andere kinderen in het gezin. Vaak zijn broers of zussen ongerust of hebben ze vragen.
- Jouw kind kan zich anders gedragen door spanning of angst, zoals onrustig slapen, boos of hangerig zijn. Dat is normaal. Straf je kind niet. Laat het zijn gevoelens uiten, bijvoorbeeld via een spel of tekening.
- Je kan je kind voorbereiden met speciale boekjes en spelletjes. Enkele tips:
- Anna in het ziekenhuis, van Kathleen Amant
- In het ziekenhuis, van Carron Brown
- 'HospiAvontuur', een spel voor kinderen van vier tot zeven jaar. Je kan het gratis downloaden via de Appstore of Google Play.
In het ziekenhuis voor je operatie of onderzoek
- Je laat eerst weten dat je in het ziekenhuis bent. Dat doe je via een computer aan de inkom van het ziekenhuis. Die computer drukt een ticket met een nummer af.
- Je gaat naar de wachtzaal. Je wacht tot je het nummer van je ticket ziet op het scherm.
- We schrijven jou in.
- Je mama of papa kiest welk soort kamer je krijgt.
- Je krijgt een bandje rond je pols of enkel. Daarop staan je naam, de datum waarop je geboren bent en een nummer. We vragen af en toe je naam en geboortedatum. Zo weten we zeker wie je bent. Ben je het bandje kwijt? Zeg het aan de verpleegkundige.
- Ben je ingeschreven? Je gaat eerst naar de wachtzaal van de verpleegeenheid kindergeneeskunde of kinderdagziekenhuis.
- Een verpleegkundige brengt je naar je kamer.
Inschrijven
- Kom naar het ziekenhuis op het afgesproken uur.
- Meld je kind eerst aan via de inschrijfzuil aan de inkom.
- Steek de KIDS-ID of de ISI-plus kaart in de zuil.
- Kies op het scherm voor ‘(dag) hospitalisatie'.
- Beantwoord een paar korte vragen via het scherm.
- Kies ‘hospitalisatie’.
- Je krijgt een ticket met een volgnummer.
Heb je geen KIDS-ID of ISI+ kaart? Kies op het scherm van de inschrijfzuil voor ‘geen identiteitskaart’.
Let op: een kids-ID of digitale ISI-plus kaart via jouw ziekenfonds is verplicht voor een correcte terugbetaling van de mutualiteit.
- Ga naar de wachtzaal met dat ticket.
- Zie je in de wachtzaal het nummer van je ticket op een scherm? Dan is het jouw beurt. Je kan je kind inschrijven.
Kostprijs
Als je je kind inschrijft, krijg je meer info over de kosten van de opname. Bijvoorbeeld bij de keuze van de kamer.
Daarna onderteken je de opnameverklaring. Daarin staan enkele afspraken over de prijs.
Ben je niet aangesloten bij een mutualiteit? Of betaalde je het lidgeld niet op tijd? Laat dat weten aan de onthaalmedewerker, verpleegkundige of de sociale dienst van het ziekenhuis. Die zoekt samen met jou een oplossing.
Bezoek
Vragen vrienden en familie naar het kamernummer aan het contactcenter of onthaal? Dan geven we dat door.
Wil je liever geen bezoek? Zeg dat bij de inschrijving.
Tijdens je verblijf in het ziekenhuis
Wil je weten wie er jou helpt, wat je gaat eten, wat je kan doen...? Lees meer op de pagina van:
Naar huis
- De dokter beslist wanneer je naar huis mag.
-
Voel je je anders na jouw verblijf in het ziekenhuis? Misschien ben je vaker boos, triest of bang? Dat is normaal. Meestal gaat dat vanzelf over na een tijdje. Praat erover met je mama of papa.
Misschien is het makkelijker om erover te schrijven, of een tekening te maken. Zo kan je ook tonen hoe je je voelt.
- De arts vertelt jou hoe het met jouw kind gaat.
- Je huisarts krijgt een bericht dat je kind naar huis gaat.
- De verpleegkundige laat je weten hoe je jouw kind verder kan behandelen: welke medicatie mag je geven, wat mag je kind eten...
- De verpleegkundige geeft je ook alle documenten om naar huis te gaan.
Wat krijg je mee naar huis?
- de paramedische ontslagbrief van je kind. Deze brief bevat richtlijnen over de nazorg thuis: verzorging, wat je kind wel of niet mag eten, wat je kind mag doen van sport of beweging...
- eventueel de medische ontslagbrief van je kind. Deze brief vermeldt de medische toestand van je kind.
- een lijst met medicatie die je kind moet nemen = medicatieschema
- eventuele voorschriften voor kine of thuisverpleging
- medicatie die al open is
- dieetvoeding
Hou de ontslagbrieven en het medicatieschema goed bij. Je huisarts, apotheker of thuisverpleegkundigen hebben ze nodig.
Heb je attesten nodig voor de school, crèche, je werk, verzekering...? Zeg dat aan de verpleegkundige. Dan krijg je die ook mee naar huis.
Hoe bereid je het vertrek van je kind voor?
-
Laat iemand anders met de auto rijden, als het kan. Zo kan jij bij je kind blijven terwijl de andere persoon het materiaal naar de auto brengt.
Is dat niet mogelijk? Breng eerst alle materiaal naar de auto. Vertrek nadien met je kind. -
Uitzonderlijk kan een ambulance je kind naar huis brengen. Vraag eerst aan je ziekenfonds hoeveel dat kost. De verpleegkundige zorgt voor een ambulance.
-
Probeer de medicatie te kopen voor je kind thuis is. De voorschriften staan op de KidsID.
Heb je hulp nodig als je kind naar huis mag, bijvoorbeeld krukken, een aangepast bed...? Vraag hulp aan onze sociale dienst. Samen met jou zoeken onze sociaal werkers een oplossing.
Mag je kind niet naar huis van de arts, maar gaan jullie toch?
- Dat is op eigen risico.
- Je moet een verklaring ondertekenen.
Kan je kind niet naar huis?
Kan je kind om medische redenen het dagziekenhuis niet verlaten? Dan mag je kind overnachten op onze verblijfsafdeling. Zo krijgt je kind verder de nodige verzorging.
Heeft je kind het moeilijk?
Misschien is je kind sneller boos, triest of bang dan anders. Dat is normaal. Je kind heeft tijd nodig om te herstellen, en om het verblijf in het ziekenhuis te verwerken.
Wat kan je doen om je kind te helpen?
- Geef je kind veel aandacht, maar stel je grenzen. Zo is het duidelijk voor je kind.
- Zorg dat je zo snel mogelijk de oude routine in huis weer volgt, met vaste momenten om te eten en slapen.
- Zorg voor weinig bezoek in de eerste dagen dat je kind thuis is.
- Praat met je andere kinderen over de opname.
- Gedraagt je kind zich agressief? Leg dan uit aan de andere kinderen waarom dat gebeurt. Zorg ervoor dat je kind niemand pijn doet.
- Zorg voor aangepast speelgoed, zoals een dokterset of lappenpop. Oudere kinderen kan je iets geven om te schrijven of tekenen. Zo kunnen ze hun ervaringen verwerken.
Filmpjes
Bekijk onze filmpjes. Zo zie je wat er allemaal gebeurt.
Tip: zet je geluid aan zodat je de uitleg hoort.
Ik ben jonger dan 10 jaar.
Ik ben ouder dan 10 jaar.
Deel op