Wat wil je printen?
Wat als iemand in je omgeving kanker heeft?
Je emoties
Als iemand van wie je houdt kanker krijgt, gaat dat samen met veel emoties: ongeloof, angst, teleurstelling, boosheid. Je bent bezorgd en wil misschien zoveel mogelijk helpen en zorgen voor die persoon.
Ook jij hebt vast veel vragen en twijfels. Je komt in een emotionele rollercoaster terecht. Iedereen gaat daar anders mee om. De ene huilt veel, de andere voelt boosheid. Sommigen zwijgen, anderen praten juist heel veel. Misschien wil jij veel informatie. Of juist minder.
Beslis voor jezelf wat jij nodig hebt en laat dit weten aan de zorgverleners. Stop je gevoelens niet weg. Als je ze negeert, kunnen ze later lastig worden. Verwerken kost tijd. Dat is oké. Volg je eigen ritme.
Gevolgen voor de omgeving
Gevolgen voor gezin en dichte omgeving
Kanker verandert niet alleen het leven van de patiënt; ook het gezin en de omgeving voelen de gevolgen.
Taken en verantwoordelijkheden verschuiven. Misschien moet jij als naaste dingen overnemen. Dat kan extra druk geven, zeker als je ook werkt en voor andere mensen zorgt.
Het is normaal dat je je moe, gespannen of soms machteloos voelt. Praat erover met anderen. Vraag hulp waar nodig. Je staat er niet alleen voor.
Gevolgen voor kinderen
Als mama, papa, oma of opa ziek wordt, voelen kinderen dat sterk aan. Ook hun wereld verandert. Praat daarom met hen over de ziekte. Betrek hen in het proces.
Kinderen uiten hun gevoelens niet altijd met woorden. Ze gebruiken vaak fantasie, spel en creatieve manieren. Daarom hebben ze informatie en steun nodig op maat van hun leeftijd. Zo kunnen ze beter omgaan met alles wat gebeurt.
In ons ziekenhuis hebben we boekjes en materiaal om kinderen te helpen. We geven ook Zibi’s rugzakje mee: een creatieve en tastbare manier om over ziek zijn te praten. Deze hulpmiddelen sluiten aan bij hun belevingswereld.
Je kan hierover info krijgen bij de sociale dienst of bij de dienst zingeving en spiritualiteit.
Heb je extra begeleiding nodig? Dat is zeker mogelijk.
Verlof voor naasten
Veel familieleden combineren de zorg voor hun dierbare met een betaalde job. Dat is niet altijd makkelijk.
In België heb je recht op bepaalde vormen van verlof, bijvoorbeeld sociaal verlof of loopbaanonderbreking.
Wil je hier meer over weten? Vraag info aan je werkgever, bij het RVA-kantoor (www.rva.be), of bij de sociale dienst van ons ziekenhuis.
Zorg goed voor jezelf
Het is belangrijk om in deze moeilijke periode ook goed voor jezelf te zorgen. Dat is niet eenvoudig. Hoe doe je dat dan? En mag je jezelf op de eerste plaats zetten?
Hieronder vind je enkele tips:
- Vertel hoe je je voelt. Praat openlijk over je angsten, twijfels en zorgen. Doe dat met je dierbare of met iemand anders die je vertrouwt.
- Soms wil je veel helpen. Dat doe je uit liefde of bezorgdheid. Maar niet iedereen die kanker heeft, heeft altijd veel hulp nodig. Soms is luisteren al voldoende. Bij anderen is (tijdelijke) extra hulp wél nodig. Dat hangt af van de ziekte en de behandeling.
- Het kan zijn dat jij en je dierbare anders omgaan met alles. Misschien volgen jullie een ander tempo. Dat is normaal. Praat samen over jullie gevoelens. Vertel wat je nodig hebt. Luister ook naar wat de ander nodig heeft (en wat niet).
- Durf eerlijk te zijn. Dat maakt het makkelijker om elkaar te begrijpen. Je kan ook praten met iemand anders als je merkt dat je dierbare er even geen ruimte voor heeft.
- Bespreek je gevoelens met zorgverleners. Zij kunnen je helpen om een nieuw evenwicht te vinden. Ook praten met andere mensen die voor een dierbare zorgen kan zinvol zijn.
- Veel mensen willen iets voor je doen. Maar ze weten vaak niet wat je nodig hebt. Of ze beseffen niet dat je hulp kan gebruiken. Zeg dus duidelijk wat je nodig hebt.
- Geef aan wat anderen voor jou kunnen betekenen. De meeste mensen zijn blij dat ze iets mogen doen.
- Denk niet alleen aan je gezin, maar ook aan familie, vrienden, buren of kennissen. Iedereen kan iets kleins doen om jou te helpen. En elk beetje steun telt.
- Het is belangrijk dat je soms op de "pauzeknop" kan drukken. Zorgen voor iemand is intens. Je hebt ook tijd nodig om tot rust te komen. Ontspanning helpt om de zorg vol te houden en goed voor jezelf te zorgen.
- Geniet zonder schuldgevoel van dingen die jou energie geven. Denk na over wat jou ontspant. Voor de ene persoon is dat iets rustigs, zoals lezen of wandelen. Voor de andere is dat sociaal contact of sport.
- Plan vaste momenten van ontspanning in je agenda. Bespreek dit met je geliefde en eventueel met de zorgverleners.
- Als naaste wil je vaak blijven zorgen, zonder grenzen. Soms sta je er niet bij stil hoeveel je eigenlijk doet naast je gewone leven. De zorg kan tijdelijk zijn, maar soms duurt ze lang. Er komen dan vaak beetje bij beetje extra taken bij.
- Probeer te voelen waar jouw grens ligt. Voel je niet schuldig. In het ziekenhuis kunnen we je helpen om je grenzen beter te begrijpen. Respecteer je grenzen ook. Alleen als jij je goed voelt, kan je er blijven zijn voor je geliefde, op een positieve manier.
- Soms blijf je met zorgen of moeilijke gedachten zitten. Merk je dat dit je sterk hindert of zelfs verlamt? Neem dan contact op met een hulpverlener.
- In het ziekenhuis kijken we niet alleen naar de medische kant. We vinden ook de sociale en psychologische gevolgen belangrijk: voor de patiënt en voor jou als naaste. Je kan terecht bij:
- je oncocoach
- de sociaal werker
- de psycholoog
- de seksuoloog
- het palliatief supportteam
- de dienst zingeving en spiritualiteit
- In het ziekenhuis kan je ook praten met een EFT-coach. Die leert je technieken om emoties los te laten.
- Steun buiten het ziekenhuis
- Ook buiten het ziekenhuis kan je praktische hulp krijgen of gewoon je verhaal doen.
Heb je vragen?
Neem contact op met je oncocoach of de sociale dienst.
Deel op