Navigeer naar snelmenu

Bijwerkingen chemotherapie: minder bloedplaatjes

Bloedplaatjes zorgen ervoor dat ons bloed stolt. Ze helpen om het bloeden te stoppen als je een wonde hebt. Door de chemotherapie kunnen er minder bloedplaatjes in je bloed zitten. 

Een verminderd aantal bloedplaatjes door chemotherapie is tijdelijk. Na de behandeling maakt je lichaam vanzelf weer genoeg bloedplaatjes aan. 

Wat kan je merken?

  • Je hebt blauwe plekken.
  • Je hebt onderhuidse bloedingen
  • Je neus bloedt.
  • Je tandvlees bloedt.
  • Wondjes bloeden langer.
  • Je menstruatie is heviger.
  • Er zit bloed in je braaksel, fluimen, urine of stoelgang.

Wat kan je zelf doen? 

Let op met medicijnen

  • Neem nooit zelf aspirine of medicijnen die aspirine bevatten. Aspirine bevat een stof die je bloed verdunt. Dat moet je nu vermijden.

Zorg voor een goede mondhygiëne/ tandzorg 

  • Bloedend tandvlees is een van de belangrijkste tekenen van een tekort aan bloedplaatjes.
  • Heb je een afspraak bij de tandarts? Laat weten dat je chemotherapie of celremmende geneesmiddelen krijgt. Je kunt vaak bloeden tijdens een tandverzorging.
  • Moet de tandarts een tand verwijderen? Laat hem/haar dan eerst bellen met de oncocoach. Bij sommige soorten chemotherapie mag dit absoluut niet.
  • Gebruik een zachte tandenborstel en tandzijde in plaats van tandenstokers.

Voorkom wondjes

  • Eet zacht voedsel om wondjes in je mond te voorkomen. Vermijd harde frietjes, nootjes,...
  • Gebruik een elektrisch scheerapparaat, geen scheermesjes.
  • Draag losse kleren van zachte stoffen.
  • Doe geen activiteiten of sporten waarbij je je kunt kwetsen.
  • Draag handschoenen als je gaat klussen of tuinieren.
  • Gebruik glijmiddel bij seksueel contact.
  • Gebruik geen tampons tijdens je menstruatie.

Zo behandel je een bloedneus

  • Zit rechtop.
  • Snuit je neus stevig, zodat het meeste bloed eruit is.
  • Knijp je neus dicht vlak onder het neusbeen. Doe dit minstens 10 minuten.
  • Buig je hoofd licht naar voren, zoals bij het lezen. Adem rustig door je mond.
  • Is het bloeden gestopt? Snuit je neus dan niet meer. Door te snuiten maak je mogelijk het bloedstolsel los waardoor je neus opnieuw zal beginnen bloeden.
  • Stopt het bloeden niet? Bel dan naar je huisarts.
  • Gebruik geen bloedstelpende watten of andere middeltjes.

Wanneer neem je contact op met de oncocoach en/of huisarts?

  • Er zit bloed in je stoelgang of urine.
  • Er zit bloed in je braaksel, speeksel of fluimen.
  • Je krijgt blauwe plekken zonder dat je je gestoten hebt.
  • Je hebt vaak last hebt van een bloedneus die moeilijk stopt.
  • Je hebt ongewone hoofdpijn die lang blijft duren.
  • Je hebt een langere menstruatie met uitzonderlijk veel bloedverlies. 

Neem contact op met een oncocoach.

Welke bijkomende behandeling of ondersteuning kan je krijgen?

  • Heb je te weinig bloedplaatjes? Dan kan de arts deze bijkomende behandelingen voorstellen:
    • Je krijgt een transfusie van bloedplaatjes;
    • We stellen de chemotherapie 1 of 2 weken uit. Zo krijgen je bloedcellen meer tijd om te herstellen.
    • Je krijgt een lagere dosis van de chemotherapie.
Laatst gewijzigd
02 mrt 2026

Deel op